Menu

pagina 6

van Jack Brockbernd

Woensdag 1 augustus, 6e fietsrit.naar overzichtskaart6

Vandaag de 6e fietsrit met twee echte collen, de één met naam en faam, de Col de la Colombière, de ander zonder naam en faam ” Romme” geheten. Romme zult u denken, nooit van gehoord, dat is nou precies wat ik bedoel! Eerst gaat het afdalend via Taninges en Châtillon over de grote weg naar Cluses. In deze plaats veel horlogemakers en edelsmederijen. Daarover een museum met als trekpleister de kleinste fiets ter wereld, gewicht 20 gram en bestaande uit 624 onderdelen, waaronder 288 kettingschakels. Op onze grote en zware fietsen dalen we Cluses in en vinden de weg die naar Rom(m)e leidt. De eerste km is “verrekkes” steil, wat me, in overleg, doet besluiten vast vooruit te fietsen. Dus alleen die helling op, het gevecht tegen de zwaartekracht aangaande, gedurende een km tussen de 11-14 %, maar ik worstel me naar boven, blij dat ik op een stuk van 8 % even rust krijg, me kan ontspannen! Na ongeveer 3 km halen Jos en Wim me in, even zijn we samen, even wat ervaringen uitwisselen, dan pakken ze hun tempo weer op, en ik ook! Verder is het een heerlijke klim, mooi gelijkmatig steil, wel weinig uitzicht, maar eenmaal boven een “balcon” met een panorama van 360 graden, het lijkt Mesdag wel, maar dan met een straal van 40 km. Jos en Wim liggen, languit in het gras, daarvan te genieten, ik heb er geen moeite mee hun voorbeeld te volgen! Het dorpje Romme bestaat uit enkele huizen met mooi verzorgde tuinen, een restaurantje zijn ze nog aan het bouwen, daar hebben we nu dus niets aan. Bij naambord en bloembak nemen we de traditionele foto, Wim is onze “hoffotograaf”, mensen die onze foto’s bekijken zeggen dikwijls; zijn jullie met tweeën op vakantie geweest, dus niet!

1838

Achteraf valt deze klim wel mee, we hadden hem hoger ingeschat, of ligt dat aan ons! Dan de lange afdaling in naar Le Repesoir, jammer dat ze ook hier weer met vrijgevige hand steenslag gestrooid hebben, zeker in de leer geweest bij Zwarte Piet!! Door niet de snelheid te laten oplopen, gedoseerd te remmen, vooral voor de bochten, dus minder snel af te dalen komen we veilig aan in Le Repesoir. Onderweg in de afdaling zagen we een oudstenen bouwwerk, het 12e eeuwse klooster Chartreuse du Repesoir. We draaien in het stadje linksaf de 7,5 km lange beklimming van de Col de la Colombière op. De klim begint eigenlijk in Cluses, de afstand is dan 19 km, dit hebben we in 2008 gedaan, buiten ons drieën waren toen Harry Smits en Wil Kuijpers er ook bij. Bijgebleven is het laatste gedeelte van de klim, steil langs de flank met veel tegenwind, wat dat betreft zijn we vandaag op herhaling. Het herkenbare restaurantje na de laatste bocht is meer dan welkom. We pauzeren niet maar dalen meteen af naar Le Grand-Bornand, dit stadje is zowel in de zomer als in de winter erg toeristisch. Het heeft naast de marktdag en zijn romige Reblochonkaas verder niet veel te bieden, maar het ligt centraal voor wandelaars, fietsers en wintersporters, vandaar die “gezellige”drukte! We drinken hier weer………… , ja precies, je leest dit verhaal met aandacht!

1845

Na wat repen etc. ga ik het bal weer openen, dansend op de pedalen ga ik vast vooruit, ook de zuidelijke klim willen we aan ons collenbestand toevoegen. Na enkele km’s komt de TGV/JW me voorbij, ik haak niet aan, wijsheid wint het van eigenwijsheid, boven staat het welkomscomité me wel weer op te wachten, wel altijd zonder muziekkapel, maar goed………..! Later hoor ik dat ze me rustig gepasseerd zijn en de laatste km’s naar de top nog eens flink gas hebben gegeven, ben ik blij dat ik solitair ben gebleven! Weer samen dalen we, door de beboste Gorges du Foron, af naar Cluses, daar zijn we in een klein half uur, de markt van vanmorgen zijn ze nu aan het opruimen. We hebben nog 900 hm voor de boeg, rustig aan staat hoog in mijn vaandel, volgens Jos en Wim is daar zeker mee te (over)leven! We fietsen langs Cluses door Marnaz en Thyez naar Marignier waar we rechtsaf de D 6 opdraaien, een fijne, rustige en langzaam oplopende weg. Als we op de drukke weg naar Chatillon-s-Cluses, resp. Taninges komen hebben we al 280 van de 900 hm gehad. We drinken dan eerst koffie voor de laatste aanval op de ruim 600 overblijvende hm. Het koffieadres is in een drukke gebakszaak, alles staat open en bloot, voor de hordes vliegen is dit lopend (vliegend) buffet één smulpartij! Dan dalen we 300 m en beginnen aan de klim van ruim 10 km naar onze standplaats les Gets. Langzaam lopen mijn benen vol, tot de helft fiets ik op kop, dat is wel wennen, maar dan kan ik het (langzamere) tempo bepalen. De tweede helft neemt Wim het over, die is niet kapot te krijgen. Het laatste stuk moet uit m’n tenen komen, die ongemakkelijke terrasstoel zit dan als een fauteuil en wat smaakt die grote pils hemels!

1849

1855

naar rit 7 (pagina 7)

naar begin vh verslag